Wat is het drone-examen A1/A3?
Het examen A1/A3 is het online theorie-examen dat je moet halen voor het Europese drone-vliegbewijs. Volgens de Rijksoverheid en de RDW heb je in Nederland een vliegbewijs nodig voor drones van 250 gram of zwaarder. Je volgt eerst een online training en doet daarna het online examen bij een van de exameninstellingen die de overheid daarvoor heeft aangewezen. Met het vliegbewijs mag je in de hele Europese Unie vliegen in de subcategorieën A1 en A3 van de open categorie.
Hoe ziet het examen eruit?
De regels voor het examen staan in de Europese verordening 2019/947, die in alle EU-landen geldt:
- Het examen bestaat uit 40 meerkeuzevragen.
- Je slaagt met minstens 75 procent goede antwoorden.
- De vragen gaan over negen verplichte onderwerpen: vliegveiligheid, luchtruimbeperkingen, luchtvaartregels, menselijke factoren, operationele procedures, algemene kennis van drones, privacy en gegevensbescherming, verzekering en beveiliging.
Na het examen krijg je van je exameninstelling een persoonlijke link. Daarmee vraag je het vliegbewijs aan bij de RDW, met DigiD. Volgens de RDW krijg je het vliegbewijs daarna per e-mail. Het is 5 jaar geldig. Ben je jonger dan 16, dan mag je volgens de RDW alleen vliegen onder toezicht van iemand van 16 jaar of ouder met een vliegbewijs.
En het vaardigheidsbewijs A2?
Wil je met een drone met klassemarkering C2 dichter bij mensen vliegen, dan heb je het vaardigheidsbewijs A2 nodig. Je moet dan al het vliegbewijs A1/A3 hebben. Volgens de Europese regels doe je een aanvullend theorie-examen van ten minste 30 meerkeuzevragen over weer, prestaties van de drone en het beperken van risico op de grond, weer met 75 procent goed. Daarnaast verklaar je dat je zelf praktijk hebt geoefend. In A2 houd je normaal 30 meter afstand van niet-betrokken personen, en 5 meter als de lagesnelheidsmodus aan staat.
Wat oefen je hier?
Onze oefenexamens hebben 40 vragen, verdeeld over de onderwerpen van het examen A1/A3. Het A2-onderdeel oefen je apart. De echte examentijd verschilt per exameninstelling; wij geven je 45 minuten. Bij elk antwoord lees je de uitleg, met de regel waar het om gaat.
Welke onderwerpen komen aan bod?
- Regels en categorieën: de open en specifieke categorie, A1, A2 en A3, klassemarkeringen C0 tot C4, minimumleeftijd, vliegbewijs en exploitantnummer.
- Luchtruim en vliegzones: de maximale hoogte van 120 meter, geografische zones, luchthavens, bemande luchtvaart en noodhulp.
- Veilig vliegen: afstand tot mensen, nooit boven mensenmenigten, zicht op de drone, waarnemers, vliegen in het donker.
- Menselijke factoren: alcohol en medicijnen, vermoeidheid, afleiding, afstand inschatten en tijdsdruk.
- Procedures en noodsituaties: Return to Home, verlies van GPS of verbinding, lege accu, ongevallen en meldplicht.
- Techniek van de drone: massa per klasse, directe identificatie op afstand, geobewustzijn, accu's, GNSS en IMU.
- Privacy, verzekering en beveiliging: de AVG, aansprakelijkheid, verzekering en misbruik voorkomen.
- A2: wind en vlagen, kou en hitte, extra lading, en technische en operationele maatregelen tegen risico op de grond.
Zo bereid je je goed voor
- Leer de getallen uit je hoofd. 120 meter hoogte, 250 gram, 30 en 5 meter in A2, 150 meter in A3, 50 meter in follow-me-modus.
- Ken het verschil tussen A1, A2 en A3. Welke drone mag waar, en hoe dicht bij mensen?
- Denk als een veilige piloot. Veel vragen gaan over wat je doet als er iets misgaat. Bemande luchtvaart gaat altijd voor.
- Oefen tot je ruim boven de 75 procent zit. Maak meerdere oefenexamens en kijk per onderwerp waar je punten laat liggen.
Gecontroleerd aan de hand van verordening (EU) 2019/947, de Rijksoverheid en de RDW. Laatst gecontroleerd: oktober 2026.
Testklaar is een onafhankelijk oefenplatform. We zijn niet verbonden aan de RDW, de ILT, de exameninstellingen of de overheid, en onze vragen zijn geen echte examenvragen. Het echte examen doe je bij een aangewezen exameninstelling.
Oefenvragen met antwoorden
Klik op een vraag om het juiste antwoord en de uitleg te zien.
In welke drie subcategorieën is de open categorie verdeeld?
- C0, C1 en C2
- Licht, middel en zwaar
- Recreatief, zakelijk en professioneel
- A1, A2 en A3
Antwoord: D, A1, A2 en A3. UAS.OPEN.010: de open categorie bestaat uit de subcategorieën A1, A2 en A3. C0 tot en met C4 zijn klassemarkeringen van drones, geen subcategorieën.
Wat is een geografische UAS-zone?
- Een gebied waar je ook zonder vliegbewijs mag vliegen als je onder 50 meter blijft
- Een gebied met extra regels of een verbod voor drones
- Een officieel drone-oefenveld van een vereniging
- Een gebied waar alleen drones met klasse C0 mogen komen
Antwoord: B, Een gebied met extra regels of een verbod voor drones. Artikel 15 van verordening 2019/947 laat lidstaten geografische UAS-zones aanwijzen, bijvoorbeeld rond luchthavens en gevoelige locaties. Daar gelden beperkingen of een verbod.
Je vliegt in A2 met een C2-drone en zet de lagesnelheidsmodus aan. Hoe dichtbij mag je dan bij niet-betrokken personen komen?
- Tot 5 meter, na een beoordeling van de situatie
- Direct boven hen, zolang de lagesnelheidsmodus aan staat
- Tot 15 meter, zonder verdere voorwaarden of beoordeling
- Tot 1 meter, zolang je maar laag en langzaam blijft vliegen
Antwoord: A, Tot 5 meter, na een beoordeling van de situatie. UAS.OPEN.030: met ingeschakelde lagesnelheidsmodus mag de afstand terug naar 5 meter, nadat je het weer, de prestaties van de drone en de scheiding van het gebied hebt beoordeeld.